12 januari 2022

Brandveilig meubilair, een zaak van ons allemaal

Brandveilig leven (BVL) is een belangrijk punt op de agenda bij de verschillende veiligheidsregio’s en op de Uitvoeringsagenda Brandweerzorg. Eén van de projecten binnen BVL is brandveiligheid van zitmeubelen en matrassen. Een traject waar een lange adem voor nodig is en dat daarom ook dit jaar voortgezet wordt binnen de Brandweeracademie van het IFV. René Hagen, tot voor kort lector Brandpreventie bij het IFV, blikt terug op een lang traject en licht toe wat de speerpunten zijn.

Uit het IFV-onderzoek naar fatale woningbranden blijkt dat een kwart van het aantal doden bij woningbranden te wijten is aan brandend meubilair. Uit internationaal onderzoek blijkt dat het dan binnen Europa al snel over zo’n 1000 slachtoffers per jaar gaat, terwijl het tegenwoordig makkelijk is meubilair brandveiliger te krijgen. Er worden wel -met name in het Verenigd Koninkrijk- chemische vlamvertragers toegepast, maar door de mogelijke milieu- en gezondheidsrisico’s staan deze ter discussie. Sinds een jaar of 5 zijn er goede alternatieven in de markt voor deze chemische vlamvertragers, maar hoe krijg je de producenten zover om deze alternatieven ook toe te passen?

Waar begin je zo’n traject?

René: ‘Om meubilair ook echt brandveiliger te maken kun je je richten op het afdwingen via wetgeving, of je kunt de producent en/of de consument overtuigen. De consument overtuigen is heel lastig voor de brandweer omdat de consument altijd een afweging zal maken of brandveiligheid belangrijker is dan prijs, design en comfort. De nationale wetgever houdt tot nu toe de boot een beetje af en wijst naar Europa, terwijl Europa de bal terecht terug legt. Daarom zijn we ons in eerste instantie gaan richten op de producent, op het promoten van brandveiligheid zonder schadelijke vlamvertragers. En dat werpt nu zijn vruchten af.’

Hoe is de samenwerking met producenten tot stand gekomen?

‘We zijn op zoek gegaan naar een grote producent die wel mee wilde werken aan het brandveiliger maken van meubilair. Al snel kwamen we uit op IKEA want die is marktleider in Europa. We hebben veel geschreven over dit onderwerp waardoor IKEA Nederland ons uiteindelijk uitnodigde om ons verhaal te vertellen op het hoofdkantoor in Zweden. Daar hebben we ons verhaal onderbouwd met heel veel casussen en beeldmateriaal en hebben we IKEA overtuigd van het belang van brandveiliger meubilair. Het bedrijf is begonnen met het ombouwen van productielijnen en inmiddels zijn sinds oktober 2020 de eerste brandveiligere eetkamerstoelen bij IKEA te koop.’

Zijn er nog meer partijen aangehaakt?

Door alle berichtgeving rond brandveiligheid van meubilair kwam Auping zelf met het verzoek om onderzoek te doen naar hun alternatief voor PUR-schuim. PUR-schuim is het brandbare deel. René: ‘De test is goed uitgevallen. Auping verkoopt nu brandveilige matrassen, met hetzelfde comfort en die niet duurder zijn voor de consument. Daar zijn we erg blij mee.’

Heeft jullie onderzoek alleen effect in Nederland?

‘Een van de zaken waar we tegen aan liepen is dat landen verschillend omgaan met brandveiligheid van meubilair. In Rusland bijvoorbeeld mag de bekleding maar een paar seconden branden en dan moet de brand uit zijn. Uit ons onderzoek blijkt dat het niet zo’n groot probleem is als alleen de bekleding brandt. Je moet er vooral voor zorgen dat het PUR-schuim niet gaat branden. Dan is de keuze om óf geen PUR schuim te gebruiken of een brandwerende laag tussen de bekleding en het schuim aan te brengen. Voor IKEA was dit een reden om nog even te wachten met het invoeren van brandveilig meubilair omdat ze anders 2 productielijnen zouden moeten aanhouden. Wij hebben met het Russische testinstituut gesproken over ons standpunt en de noodzaak om uniforme eisen te stellen.
Een ander voorbeeld is dat er in de Verenigde Staten veel vlamvertragers worden gebruikt, waar ze eigenlijk wel van af willen vanwege het milieu. Daar heeft men er voor gekozen om de eisen te verlichten waardoor er geen vlamvertragers nodig zijn. Het gevolg is echter dat het aantal slachtoffers door branden met meubilair daar weer oploopt. In ons onderzoek voor de Europese brandweervereniging FEU hebben we daarom de Amerikaanse oplossing niet gevolgd. We merken dat Nederland wel koploper is op het gebied van het brandveiliger maken van meubilair zonder de toepassing van chemische vlamvertragers. Ook het Verenigd Koninkrijk heeft al interesse getoond in onze voorgestelde oplossingen.’

Kan de overheid hierbij nog een rol spelen?

René: ‘Ik zou willen dat de overheid betrokken wordt bij het overleg met producenten met wetgeving als stok achter de deur. Dat bijvoorbeeld producenten nog 5 jaar krijgen om het zelf op te lossen en als dat niet gebeurt dat het dan door wetgeving wordt opgelegd. Onze testen in Oudewater (rookverspreiding) hebben wel voor beweging gezorgd. Mensen moeten veel investeren om aan de strenge eisen van bouwregelgeving te voldoen, maar het effect daarvan wordt deels teniet gedaan door de brandbaarheid van meubilair. Ook het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over de grote flatbrand in Arnhem gaat voor een groot deel over de brandbaarheid van bankstellen. Beide voorvallen zorgen er wel voor dat het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wel moet bewegen.’

Wat zijn de volgende stappen

‘Het hele traject is een traject van lange adem. Daarom gaan we toch door met onderzoek en onze boodschap verspreiden, ook al stopt de financiering vanuit de Uitvoeringsagenda Brandweerzorg. We blijven testen zoals met de producten van IKEA en Auping en delen de informatie. We kijken mee met andere producenten  en ondersteunen hen met oplossingen.

Daarnaast hopen we op meer aandacht voor brandveilig meubilair vanuit Brandweer Nederland. De brandweer heeft heel veel draagvlak en dat kan ons helpen onze missie voort te zetten. Want als we nu stoppen, dan ben je over 5 jaar weer terug bij af. ‘

Mee weten over brandveiligheid meubilair?

Stel een vraag
Sluit stel een vraag box