Brandveiligheid in de Nederlandse horeca

15 januari 2026

Bij de brand in een bar in het Zwitserse skioord Crans-Montana zijn tijdens de nieuwjaarsnacht tientallen doden en gewonden gevallen. Uit de eerste bevindingen blijkt dat de brand hoogstwaarschijnlijk ontstond door vuurwerkfonteinen die te dicht bij het plafond werden gehouden. De situatie werd vervolgens rampzalig doordat de vlammen zich razendsnel konden uitbreiden via zeer brandbare plafondplaten. Hierdoor werd de ruimte in korte tijd volledig gevuld met vuur en rook. Daarnaast is nog niet duidelijk of de ontvluchtingsroutes en nooduitgangen voldoende beschikbaar en bruikbaar waren op het moment van de brand.

‘In Nederland is de brandveiligheid in de horeca sinds de brand in Volendam aanzienlijk verbeterd’, stelt Yfke de Boer, voorzitter van de vakraad Brandveiligheid van Brandweer Nederland. ‘Strengere regelgeving, verbeterd toezicht en meer bewustwording heeft hier een wezenlijke bijdrage aan geleverd. Maar veiligheid blijft mensenwerk tussen verschillende partijen dat onverminderd aandacht en alertheid vraagt.’

Vragen

Omdat er vanuit het land veel vragen komen naar aanleiding van de brand in Zwitserland, publiceert Brandweer Nederland de antwoorden op de meest gestelde vragen.

  • Kan een vergelijkbaar incident als in het Zwitserse Crans-Montana ook in Nederlandse horecagelegenheden plaatsvinden?

    Geen enkele situatie waarin veel mensen samenkomen is volledig zonder risico. Ook in Nederland kan brand ontstaan in horecagelegenheden. Tegelijkertijd is de brandveiligheid in de horeca sinds de brand in Volendam aanzienlijk verbeterd door strengere regelgeving, verbeterd toezicht en meer bewustwording. Ook kan er bij een beginnende brand adequater worden ingegrepen door getrainde bhv’ers en voldoende en goedgekeurde blusmiddelen. Absolute veiligheid bestaat echter niet; brandveiligheid blijft mensenwerk en een samenspel tussen verschillende partijen.

    Was deze informatie nuttig?
  • Is het risico op brand groter tijdens drukke momenten zoals carnaval en andere feestdagen?

    Ja. Drukke periodes kunnen extra risico’s met zich meebrengen, zoals een hogere bezetting, tijdelijke aankleding, intensiever gebruik van ruimtes en veranderd gedrag van bezoekers. Juist tijdens feestdagen is extra alertheid nodig van ondernemers, personeel en bezoekers.

    Was deze informatie nuttig?
  • Waar moeten horecaondernemers en bezoekers in dit soort periodes extra alert op zijn?

    Belangrijke aandachtspunten zijn:

    • herkenbare en goed toegankelijke vluchtwegen,
    • brandveilige aankleding,
    • het niet overschrijden van het maximaal toegestane aantal personen en
    • de beschikbaarheid van juiste blusmiddelen.

    Daarnaast is het essentieel dat personeel weet wat te doen bij een incident en dit ook met enkele regelmaat beoefent en bespreekbaar maakt. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de verantwoordelijkheid van de horeca(ondernemer) zelf. Personeelswisselingen gaan vaak snel, waardoor de bijgebrachte aandacht voor brandveiligheid vaak ook verdwijnt.
    Daarnaast verdienen jonge en/of ondernemers van buitenlandse origine extra aandacht; bij hen staat de ramp in Volendam vaak minder scherp op het netvlies.

    Voor bezoekers geldt dat zij de aanwijzingen van het personeel moeten opvolgen en dat ze zichzelf bij binnenkomst ook zouden moeten oriënteren. ‘Waar zijn de vluchtwegen en voel ik me veilig?’

    Was deze informatie nuttig?
  • Wat kunnen ondernemers en bezoekers van de brandweer verwachten op het gebied van brandveiligheid?

    De brandweer vervult een adviserende en ondersteunende rol op het gebied van brandveiligheid. Dat gebeurt via controles, voorlichting, publiekscampagnes (zoals veilig feestvieren) en het gesprek met de sector. Iedere veiligheidsregio werkt daarbij volgens een eigen aanpak, passend bij de lokale situatie. De brandweer is niet continu in horecagelegenheden aanwezig; brandveiligheid begint bij de ondernemer zelf.

    Was deze informatie nuttig?
  • Wie is primair verantwoordelijk voor de brandveiligheid in horecagelegenheden?

    De verantwoordelijkheid ligt bij meerdere partijen:

    • De horecaondernemer, die moet voldoen aan wet- en regelgeving, maatregelen moet treffen en zich bewust moet zijn van mogelijke brandrisico’s. Bij een brand moet de horecaondernemer samen met het personeel er alles aan doen om ervoor te zorgen dat men veilig kan vluchten en eventueel aanzetten tot ontruiming.
    • De gemeente, als bevoegd gezag voor vergunningen, toezicht en handhaving.
    • De brandweer, als specialist en adviseur.
    • De bezoekers, van wie verantwoordelijk gedrag wordt verwacht.
    Was deze informatie nuttig?
  • Controleren brandweer of gemeenten de brandveiligheid van horecagelegenheden, en hoe gebeurt dat in de praktijk?

    Toezicht en handhaving zijn belegd bij gemeenten, waar nodig en indien relevant adviseert de brandweer op het aspect brandveiligheid. Er worden zowel planmatige als risicogerichte controles uitgevoerd. Na de verbeteringen sinds de brand in Volendam is de focus deels verschoven van frequent controleren naar bewustwording, overleg en voorlichting. Met name rondom drukke periodes (kerst, carnaval, Koningsdag, zomerfeesten en sportevenementen zoals bijvoorbeeld het WK-voetbal) vinden vaak extra controles en afstemmomenten plaats, hoewel dit per gemeente kan verschillen welke keuzes hier worden gemaakt.

    Was deze informatie nuttig?
  • Hoe kijken jullie vanuit brandveiligheidsperspectief aan tegen het gebruik van vuurwerkfonteinen en andere brandende feestartikelen?

    Vanuit algemeen brandveiligheidsperspectief geldt dat alles wat open vuur, hitte of vonken veroorzaakt extra risico’s met zich mee kan brengen, zeker in drukke binnenruimtes met brandbare aankleding en veel bezoekers. Het beperken van dergelijke risico’s past binnen risicobewust handelen.

    Was deze informatie nuttig?
  • Hoe weten horecaondernemers wat zij wel en niet mogen gebruiken aan decoratie, effecten en feestartikelen?

    Wat is toegestaan, staat vastgelegd in wet- en regelgeving, zoals het Besluit bouwwerken leefomgeving en in vergunningsvoorwaarden. Ook zijn er richtlijnen – verwoord in de NTA 8007 – voor de brandveiligheid van decoratiematerialen. Ondernemers krijgen hierover informatie via de gemeente, brandweer en brancheorganisaties. Bij meer dan 50 aanwezigen in het pand hebben ondernemers een meldplicht. Daarnaast geldt het algemene advies: kies voor brandveilige materialen, voorkom open vuur en zorg dat vluchtwegen altijd vrij blijven.

    Was deze informatie nuttig?
  • Wat is er op het gebied van brandveiligheid in de horeca veranderd sinds de brand in Volendam?

    Sinds Volendam is regelgeving aangescherpt, zijn controles geïntensiveerd en is sterk ingezet op voorlichting en bewustwording. Er is een duidelijke verbetering zichtbaar: versiering is vaak minder uitbundig aangebracht en voldoet veelal aan de eisen van brandvertraging, blusmiddelen zijn beter beschikbaar en personeel beter getraind. Tegelijkertijd blijven er uitdagingen bestaan, zoals vrije en toegankelijke vluchtwegen. Een aanvullende constatering is dat de combinatie horeca met wonen toeneemt en aandacht nodig heeft. Het wonen in de binnenstad neemt een vlucht door het woningtekort. Zaken waarbij het dan vaak misgaat zijn compartimentering en gebrek aan of blokkade van vluchtroutes.

    Was deze informatie nuttig?
  • Waar moeten horecaondernemers specifiek op letten bij het gebruik van versiering tijdens feestdagen en evenementen?

    Versiering kan een extra brandrisico vormen als deze niet brandveilig is of te dicht bij warmtebronnen hangt. Horecaondernemers worden geadviseerd om:

    • alleen brandveilige of moeilijk ontvlambare versieringen te gebruiken; producten met een keuring zoals KEMA-keurmerk of DEKRA Mark geven extra zekerheid dat materialen moeilijk branden.
    • versieringen niet in contact te laten komen met verlichting, spots, lampen of andere hittebronnen, omdat die materialen snel kunnen opwarmen en brandgevaarlijk worden.
    • te zorgen dat versieringen vrije vluchtroutes, nooduitgangen, blusmiddelen en markeringen niet blokkeren of verbergen; deze moeten te allen tijde zichtbaar en bereikbaar blijven.
    • bij twijfel over de brandveiligheid van versieringsmateriaal een eenvoudige brandtest te doen (bijvoorbeeld buiten kort vuur toepassen op een klein stukje materiaal), zoals ook op brandweer.nl wordt beschreven.

    Door deze richtlijnen te volgen, beperken ondernemers het risico dat versiering bij contact met een hittebron of bij een incident bijdraagt aan brandontwikkeling of de verspreiding daarvan.

    Was deze informatie nuttig?
  • En als het dan toch misgaat, wat is dan het handelingsperspectief voor horecaondernemers en bezoekers?

    Ondanks genomen maatregelen kan er een brand ontstaan. Welke stappen volg je dan?

    • Waarschuw alle aanwezigen en start de ontruimingsprocedure.
    • Controleer of iedereen buiten is en check ruimtes als de kelder, toiletten en personeelsruimtes. Zorg daarbij voor je eigen veiligheid.
    • Houd ramen en deuren gesloten.
    • Blijf bij rookontwikkeling dicht bij de vloer.
    • Bel 112 en geef het volledige adres door. Geef ook aan of er gewonden zijn, of het gebouw ontruimd is, wat er brandt en op welke verdieping.
    • Sluit indien dit veilig kan elektriciteit en gas af.
    • Waarschuw eventuele aanwezigen in de panden naast en/of boven het horecapand.
    • Wacht buiten op de hulpdiensten en zorg voor een vrije doorgang.
    Was deze informatie nuttig?
Stel een vraag
Sluit stel een vraag box