Ongeveer anderhalf jaar geleden werd Ellard gealarmeerd voor een grote brand bij een pluimveebedrijf. Twee kippenschuren stonden op korte afstand van elkaar: één met 20.000 kippen en één met 28.000 kippen. “Toen wij aankwamen, stond één schuur al volledig in brand. Ik heb meteen opgeschaald naar Zeer Groot: het ging om grote aantallen dieren en het risico op brandoverslag was enorm.”
De brand was ontstaan in een eiersorteermachine, direct naast de ruimte waar de kippen verbleven. Een brandwerende scheiding ontbrak, waardoor het vuur zich razendsnel kon ontwikkelen. Na aankomst werden gelijk tankautospuiten tussen de twee schuren ingezet en werd de stroom uitgeschakeld. De vierde tankautospuit zorgde voor ventilatie van de naastgelegen stal. “Kippen zijn mede afhankelijk van ventilatie. Door razendsnel ventilatoren in te zetten, konden we zuurstof en frisse lucht blijven toevoeren. Uiteindelijk hebben we daardoor de tweede stal behouden en zijn die 28.000 kippen gered.”
Helaas kwamen de 20.000 dieren in de brandende schuur om. Harde wind zorgde voor een extra complicatie: zonnepanelen kwamen van het dak en belandden honderden meters verderop in het veld. “Dat levert schade en opruimwerk op bij omliggende boeren. Ook dat moet je op zo’n moment organiseren.”
Volgens Ellard vraagt een stalbrand altijd om andere keuzes dan bij een ‘reguliere’ brand. “De ligging in het buitengebied betekent langere aanrijtijden en vaak weinig bluswater. Als je na vijftien of zestien minuten aankomt, is een stalbrand meestal al volledig ontwikkeld. Dan kun je vaak alleen nog inzetten op het beperken van schade en het redden van naastgelegen compartimenten. Groot watertransport is daarbij cruciaal. In Drenthe zijn hierover vaste afspraken gemaakt, zodat binnen korte tijd voldoende bluswater beschikbaar is.”
Een van de meest ingrijpende aspecten van stalbranden is de omgang met gewonde dieren.
“Sommige dieren zijn niet direct verbrand, maar wel dusdanig gewond dat ze niet kunnen blijven leven. Dan moet de brandweer de dierenarts ondersteunen bij euthanasie. Dat vraagt kennis, voorbereiding en mentale weerbaarheid. Hier hoort altijd nazorg bij – voor de veehouder én voor onze mensen.”
Stalbrand: altijd te laat voor de eerste schuur, maar nooit te laat om samen in te zetten op preventie.
Binnen de campagne ‘Voorkom Stalbrand’ kiest Brandweer Drenthe bewust voor de dialoog. “We sluiten aan bij bijeenkomsten van Land- en Tuinbouworganisatie (LTO) en andere agrarische organisaties. Geen eenrichtingsverhaal, maar gesprekken aan de hand van scenario’s. De start van de campagne werd georganiseerd aansluitend op de jaarvergadering van een groep agrariërs in het Drentse Grolloo. Onder het genot van een gehaktbal deden de aanwezigen actief mee aan het spel. Dat laat zien dat dit onderwerp echt leeft.”
Ook het bezoek van de staatssecretaris van LVVN Silvio Erkens aan een agrarisch bedrijf in Schipluiden werd als positief ervaren. “De waardering voor onze aanpak en de aandacht voor praktische ‘quick wins’ was duidelijk.”
Ellard roept brandweercollega’s op om het gesprek en de samenwerking op te zoeken, ook intern. “Een stalbrand kun je niet echt oefenen. Zoek daarom collega’s op die ervaring hebben, kijk mee via camera’s, vraag hoe zij het aanpakken. En twijfel niet om hulp te vragen – ook buiten je eigen regio.”
Brandweer Drenthe deelt haar ervaringen en presentatiemateriaal graag: “Neem contact op als je aan de slag wilt met deze werkvorm of met bewustwording bij agrariërs. Samen kunnen we écht verschil maken.”
Op brandweer.nl kun je bij het onderwerp ‘Voorkom Stalbrand’ de toolkit vinden. Hier vind je de brochure om te printen en scenariokaarten om het gesprek aan te gaan met de agrariërs in jouw regio.