De Nederlandse brandweer staat voor grote uitdagingen. De samenleving verandert snel en stelt steeds hogere eisen aan veiligheid en flexibiliteit. Om ook in de toekomst een betrouwbare en effectieve brand weer te kunnen bieden, is het nodig om nu stappen te zetten. Dit programmaplan beschrijft hoe de brandweer zich de komende jaren wil voorbereiden op die toekomst.
Het doel is om samen met alle betrokken partijen – van brandweerprofessionals tot bestuurders – te werken aan een brandweer die klaar is voor nieuwe risico’s, technologische ontwikkelingen en maatschappelijke veranderingen.
Het besef over deze groeiende ‘gap’ leeft breed in de sector, blijkend uit een lange documentatiestroom van ‘Brandweer Over Morgen’ (2010) tot bijvoorbeeld de Toekomstverkenning Brandweer (2022) en het position paper Toekomstbestendige Brandweerzorg (2023). Tegelijkertijd wordt de brandweer ook door kritische vrienden gewezen op zowel de ruimte tussen wat er in de toekomst gevraagd zou kunnen worden als wat de brandweer aan bestuur en politiek toezegt enerzijds en het daadwerkelijke presterend vermogen (en de ontwikkelingen daarin) anderzijds (wetsevaluatie WVR 2020, Inspectierapport GBO/SO 2025).
Impactmissie: ‘Nederland heeft behoefte aan een toekomstbestendig brandweerzorg ‘door uniforme wet- en regelgeving, naadloze samenwerking in de hele keten en innovatieve stelselontwikkeling, zodat we lokaal, regionaal en bovenregionaal flexibel, betaalbaar en slagvaardig hoogwaardige brandweerzorg kunnen blijven bieden in een continu veranderende maatschappij.’ (Schippers 2022)
In oktober 2025 gaf de RCDV de programmadirectie de opdracht die impact in eerste instantie via vier strategische uitkomsten na te streven, in aansluiting bij de eerder in 2025 in het Veiligheidsberaad omarmde Samenwerkingsagenda Veiligheidsregio’s. Opdracht in vier strategische uitkomsten:
Het programma richt zich daarbij primair op bovenregionale vraagstukken.
Nauwe samenwerking vindt plaats met de andere grote werken en andere landelijke programma’s.
Drie samenvallende (en elkaar versterkende) ontwikkelingen creëerden de voedingsbodem voor dit programma:
We zien steeds vaker diverse grote maatschappelijke vraagstukken en crises op hetzelfde moment. Tegelijkertijd leeft er een breed gevoel in onze sector dat de brandweer maar in zeer beperkte mate met die ontwikkellijn meebeweegt. Incidenten als Enschede en Volendam zorgen voor sterke leercurve, maar strategisch blijft de brandweer achter, of in ieder geval sterk naar binnen gekeerd.
Daarom heeft de RCDV geconstateerd dat het in de bestaande structuren, met Vakraden en de RCDV zelf, onvoldoende lukt om de fundamentele veranderingen die nodig zijn om de (gezamenlijke, interne) vakontwikkellijn bij de externe maatschappelijke ontwikkellijn te brengen.
Een kortlopend programma met een duidelijk mandaat en focus moet de trend breken en de organisatie in staat stellen het heft in eigen hand te nemen.
… dat vraagt om bovenregionale versterking (sectorverbetering). De nood aan bovenregionale versterking is duidelijk via diverse notities en ook het inspectierapport van het ministerie in nov 2025. Daarin worden zowel de inhoudelijke als de procedurele tekortkomingen door de toezichthouder blootgelegd: de brandweer heeft zich naar haar oordeel onvoldoende voorbereid op grote incidenten en heeft bovendien, ondanks meer dan een decennium vol toezeggingen, onvoldoende ontwikkelvermogen getoond om daarin betekenisvolle stappen te zetten.
Ondanks dat alle relevante actoren (ministerie, VB, inspectie, veiligheidsregio’s e.a.) een rol hadden kunnen spelen in het voorkomen van de huidige situatie, is het opportuun dat de veiligheidsregio’s hun aandeel in sectorverbetering nemen door nu een versnelling te creëren via een programma om zo (ook buiten de eigen regio) een geloofwaardige gesprekpartner te blijven voor politici en bestuurders.
Onderdeel van zowel de inhoudelijke als de (kort gezegd) procedurele tekortkomingen is het bestaan van patronen die samenwerking en collectief optreden verhinderen of op z’n minst moeilijker maken. Sectorgenoten wijzen in deze context bijvoorbeeld op de wirwar van onduidelijk gemandateerde overleggremia, nog niet volledig tot wasdom gekomen collectief leiderschap vanuit de top (RCDV/Vakraden/VB), het structureel onvoldoende doorlopen van de PDCA-cyclus.
Daarom heeft dit programma (conform RCDV-opdracht oktober 2025) ook in scope om langs de lijnen van de inhoud van het programma met voorstellen te komen die dergelijke patronen beginnen te doorbreken.
De uitgangspunten:
Inzet van veelvuldig beproefde ‘Theory of change’-(TOC) methode, betekent dat er een doorlopend verband wordt gelegd tussen de buitenwereld en de impact die het programma daar wil bereiken, via expliciete tussenstappen (Outcome, Output), naar concrete activiteiten (Activities). De TOC verbindt daarmee de grotere doelen met de concrete handelingen en maakt bovendien zichtbaar waar andere stakeholders hun ambities en activiteiten aan kunnen verbinden om ook bij te dragen aan dezelfde impactdoelen. Hierdoor ontstaat de ‘lappendeken’.
In de uitvoering kan dit programma verschillende rollen hebben:
Het kernteam werkt scrum-agile, waarbij een sprint of etappe tot nieuwe inzichten en producten leidt, die op hun beurt richting geven voor de volgende sprint (of etappe). Dit programma wil niet (en kan het zich niet veroorloven om) vanuit de Ivoren Toren (te) werken, maar wil juist – denk aan de lappendeken – met de sector samen stappen zetten.
Met inzet van deze methodes heeft het programma de doelstellingen/resultaten uitgewerkt tot op het niveau van:
Zie voor deze uitwerking het hoofdstuk ‘doelen en resultaten’
Na afronding van de eerste etappe wordt de balans opgemaakt en wordt een scope in tijd en inhoud voor de tweede etappe voorgesteld, enzovoorts. Deze wijze van werken wordt toegepast op de drie inhoudelijke uitkomsten.
Wat de doelen en resultaten zijn en hoe bereiken we deze?
Er zijn vier strategische uitkomsten = Outcomes.
Doel: Het gezamenlijk (landelijk) organiseren van gegarandeerde slagkracht voor grootschalige incidenten, rampen en crisis.
Zes concrete resultaten = Outputs:
Doel: Het realtime ontsluiten van plannen, scenario’s, omgevingsinformatie en inzetondersteuning voor operationele brandweereenheden en het aanleveren van inhoudelijke expertise en assistentie op af stand bij bijzondere incidenten en grootschalig optreden.
Vier concrete resultaten = Outputs:
Doel: Helder, transparant en voor alle deelnemers begrijpelijk werk- en besluitvormingsproces voor bovenregionale onderwerpen die uit eindelijk in RCDV en/of VB behandeld worden. Hierdoor worden toekomstbestendige keuzes en inhoud geborgd in onze sector.
Wil je meer weten over het programma Toekomstbestendige Brandweer? Bekijk dan het programmaplan Toekomstige Brandweerzorg 2026-2028.